Mijn reis naar Shikoku

Kobo-daishi-jojuin

Komende maanden zal ik niet in staat zijn te schrijven, aangezien ik naar het verre Japan afreis. Ik heb besloten daar geen blog bij te houden, maar ouderwets in mijn dagboeken te schrijven. Deze zullen in hardcover editie verschijnen bij de betere boekhandel, maar ik moet nog wel even met Dan Brown kortsluiten wanneer hij zijn volgende boek uitbrengt, zodat we elkaar qua verkoop niet in de weg zitten.

In Japan ga ik de Shikoku henro lopen. Dit is een pelgrimstocht rondom het eiland Shikoku aan de zuidkust van Japan. De lengte van de tocht bedraagt ongeveer 1200 kilometer en daarom zal ik ook zo’n drie maanden weg zijn uit Nederland. Tijdens deze pelgrimstocht bezoek ik 88 Boeddhistische tempels, waarvan de meeste tot de Shingon sekte behoren. Deze sekte is gelinieerd aan het esoterische Boeddhisme, zoals dat door de monnik Kukai in de 9e eeuw naar Japan is gebracht. Kukai is tevens een centraal figuur in de pelgrimstocht: in de legendes is hij de stichter van de route zoals die nu loopt. Ook hopen veel van de Japanse pelgrims dat Kukai aan hen verschijnt tijdens de tocht en wonderen bij hen verricht, zoals plotselinge genezing van kwalen. Ikzelf koester hier niet al te veel hoop op, al was het maar omdat ik momenteel geen kwalen heb. Ik bewonder Kukai wel als denker, ik zal zijn filosofie hier in het kort introduceren.

Het esoterische Boeddhisme zoals dat door Kukai is ontwikkeld, kent veel parallellen met het gedachtegoed van Spinoza en Schelling. Net als hen onderzoekt Kukai de samenhang van het beperkte met het onbeperkte, of van het deel met het geheel. Telkens opnieuw benadrukt Kukai dat geen enkele zijnde vanuit zichzelf kan zijn. Dit gegeven leidt er volgens hem toe dat de dingen met elkaar verweven zijn, dat geen enkel ding op zichzelf kan bestaan. Waar voor Spinoza en Schelling de Natuur een uitdrukking is van het geheel, zo is ook bij Kukai de verschijnende wereld een uitdrukking van de tijdloze Boeddha. In het esoterische Boeddhisme verwijst deze term dus niet naar een historische figuur, maar naar de diepste aard van de werkelijkheid. Dit betekent dat volgens Kukai de werkelijkheid zelf een bron van verlichting is, die emaneert in de concrete zijnden. Hierdoor is de weg naar verlichting enkel een inzicht in hoe de dingen ‘werkelijk’ zijn en geen complete afwijzing van de verschijningne. Wie bekend is met Spinoza zal onmiddellijk denken aan het laatste deel van diens Ethica.

De verschijnende wereld is volgens Kukai een dialoog van het geheel met zichzelf. De delen en beperkte dingen die wij voor ons zien verschijnen zijn daarom niet werkelijk los te denken van het geheel waartoe zij behoren. Ze zijn anders dan dit geheel, want beperkt, maar uiteindelijk hetzelfde, want volgend uit dit geheel. Verlichting bereikt men wanneer men deze samenhang inziet en leert te resoneren met de dynamiek van het geheel.

Ik begrijp dat dit alles mogelijk ´zweverig´ klinkt voor hen die onbekend zijn met het Boeddhisme (en Schelling of Spinoza). Zo concreet mogelijk verwoord: wij groeien als mensen door te leren identificeren met andere zijnden om ons heen. Wij noemen hen niet groot die zich hebben weten terug te trekken van de wereld in een obsessieve bevrediging van hun verlangens, maar hen die voorbij zichzelf een verandering in en met de wereld hebben weten te bewerkstelligen. Deze beweging van het nauwe zelf naar een notie van gemeenschap is wat centraal staat in het gedachtegoed van Kukai. Volgens mij is dit een boodschap die nog steeds zeer geldig is.

 

Advertisements

One thought on “Mijn reis naar Shikoku

  1. Da’s toch amazing

    Like

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s