Een Nietzscheaans Nieuwjaar: Amor fati!

Een Nietzscheaans Nieuwjaar!

Het is inmiddels Nieuwjaarsdag; 2017 is aangebroken en laat dat vreemde, in vele opzichten lelijke jaar 2016 achter zich. Ik herinnerde mij een spreuk van Nietzsche, geschreven in die fröhliche Wissenschaft, die ik graag met jullie zou delen. Het is af en toe moeilijk om nog van deze wereld te houden, die met rasse schreden naar een explosie van geweld en ellende lijkt te bewegen. In zijn Nieuwjaarswens roept Nietzsche zichzelf op om te leven naar de gedachte het noodzakelijke aan de dingen ook als het mooie te zien. Verder lezen

Advertenties

Wat te doen na “Before the Flood”?

 .The World's Largest Solar Plant Is Blinding Pilots

Fig 1. Grootste zonnepanelenveld ter wereld, bron

In de documentaire “Before the Flood” reist Leonardo DiCaprio de wereld over om de nog altijd nietsvermoedende wereldburger wakker te schudden uit de alsmaar voortdurende, zoete, kapitalistische droom van ongeremde economische groei (die binnenkort zal omslaan in een nachtmerrie, als we niet snel handelen). De film is een absolute aanrader, die het gevoel van urgentie van deze ecologische omwenteling ongefilterd overbrengt op de kijker. Het is Leonardo’s verdienste dat hij in deze documentaire de klimaatproblematiek breed aanpakt en oog heeft voor zowel de ecologische, economische als politieke gevolgen van deze “apocalypse zonder God“, waarnaar wij als mensheid op weg zijn.

Desondanks voel ik mij ook genoodzaakt wat kritiek te uiten op de louter technisch-pragmatische oplossing van de ecologische crisis die door de documentaire gesuggereerd wordt. Ik vrees dat deze symptoombestrijding niet voldoende is om de aarde uit de crisis te helpen.

Verder lezen

Van de Extinctie II: Erkenning

1eedd6e5-f265-4157-b304-1f678d043d48

Foto 1. Hert bij de Waterleidingduinen. Bron: Het Parool.

De volgende post is een longread. Ik heb op verzoek tweemalig (bij deze en de vorige post) voor dit format gekozen. Hierdoor heb ik de ruimte gekregen om mijn gedachten iets breder uit te werken. 

In wat volgt doe ik een eerste poging om te denken waarom het een kwaad is als andere levenssoorten uitsterven door menselijk toedoen. Ik zal laten zien hoe we via de waarneming van levende wezens een raakvlak van beschrijving en ethiek kunnen onthullen. Als we een levensvorm als zodanig erkennen, dan erkennen we ook dat het een Andersheid heeft ten opzichte van ons. Deze Andersheid zou mogelijk kunnen functioneren als grond voor respect van het andere leven.

Vervolgens zal ik een argument tegen mijn positie inbrengen: ligt in de erkenning van het andere leven niet de mogelijkheid tot vergissing? Dat wil zeggen: hoe weten we dat het andere leven ‘echt’ is, kan onze waarneming geen vergissing zijn? Dit zal ik weerleggen.

Ik eindig met enkele vragen en tekortkoming van de benadering die hier voorgesteld wordt. Het belangrijkste probleem is dat de erkenning verloopt via onze menselijke maatstaven. Niet al het leven is voor ons evenveel waard. De ethiek, echter, lijkt ons te vragen deze ‘belemmering’ te overschrijden.

Verder lezen

Van de Extinctie: Is het een Kwaad als Soorten uitsterven?

Voorwoord

Volgend essay is een poging van mij richting een antwoord te werken van een vraag die me aan het hart gaat. Ik heb geprobeerd argumenten in het ethische debat over de extinctie in hun eigen taal te weerleggen, een filosofische taal van een andere aard dan ik gewend ben te gebruiken. Hierdoor voel ik mij niet zeker over sommige van de denkstappen die ik poog te zetten. Ik waardeer daarom iedere poging van de lezers met mij mee te denken en mij te verbeteren waar zij dat nodig achten. Dit is slechts een stap richting grotere vragen die mij bezighouden, maar het is als een eerste poging van essentieel belang voor de verdere weg die ik hoop af te leggen. Deze grotere vragen betreffen de natuur, de mens en de techniek – alle gesteld binnen de hoop op een levenswaardige toekomst.

Verder lezen

Over de tatoeage

Kant Tatoeage

Wanneer de naald neerdaalt, en de inkt en het bloed vloeien, is er geen weg meer terug: een onuitwisbare markering wordt aangebracht op de huid. De tatoeage is verguisd door velen als plakplaatje, of geridiculiseerd als toekomstige bron voor schaamte (wanneer de huid rimpelt en het vel hangt) – desondanks wint ze nog altijd aan populariteit en is ze niet langer een symbool voor het gepeupel. Ik heb de tatoeage altijd een uiterst interessant fenomeen gevonden, juist vanwege de sterke reacties die ze oproept. Wat duidt een tatoeage aan, dit schrift op de huid? Tegen welke logica druist ze in?

Verder lezen

Pokémon Go – onteigening van de plaats

Pokemon-Go-1

Pokémon Go

Mij viel de magnitude van de Pokémon Go rage pas echt op toen ik in het normaal vrij stille Valkhofpark, te Nijmegen, plots  tientallen mensen over de schermen van hun smartphones zag zwiepen, in de hoop die felbegeerde monstertjes te vangen. Pokémon Go is een wonderlijk fenomeen, dat niet als louter een spelletje kan worden afgeschreven. De logica van het spel markeert een nieuwe fase in onze (technisch bemiddelde) relatie tot de ruimte. Eerder waarschuwde ik voor een virtueel-worden van het werkelijke, deze huidige post ligt in het verlengde van mijn argument daar. Pokémon Go toont dat techniek kan veranderen wat de betekenis van de ruimte is. Dit brengt uiteraard veel goeds met zich mee, maar er huist in de wijze waarop Pokémon Go de wereld ontbergt ook een gevaar. De soepelheid waarmee het de werkelijke bewegingen van de gebruikers manipuleert, leidt tot een promotie van consumentisme en passiviteit. In dit artikel zal ik deze these verhelderen door te benadrukken waarin ‘augmented reality‘ technieken, zoals Pokémon Go, verschillen van traditionelere cartografie. Verder lezen

Een goed leven – door Socrates

266px-Socrates_Louvre

Het is een verantwoordelijkheid van de mens haar leven zelf zinvol in te richten. Zoals Nietzsche al schrijft, is de mens namelijk het ‘nog niet vastgestelde dier‘. Of, we zijn het dier dat zichzelf kan bevragen – zichzelf nog als vraag kan zien. Hierdoor komen wij oog in oog met onze toekomst te staan en met de vraag hoe wij worden wie wij zijn. We kunnen principes overwegen om naar te leven. We kunnen trachten, met of tegen onze verlangens in, onze levens vorm te geven.

Positie van de sofisten

Al rond 380 v. Christus wordt de vraag naar het goede leven gesteld, door een zekere Socrates. In de dialoog Gorgias, opgetekend door Plato, bevraagt Socrates enkele denkers (de sofisten) die beweren dat een goed leven een leven met zoveel mogelijk plezier is. Volgens hen gaat het er om zelf zo sterk mogelijk te worden, niet onderdrukt te zijn, en te kunnen doen wat jou het meeste plezier zal brengen. Ze verwijzen hiervoor naar de natuur, waar het sterkere over het zwakkere heerst om de eigen verlangens te kunnen bevredigen.

Een goed leven is dan een machtig leven, waarin de meest intense bevrediging van de diepste verlangens het hoogste goed zou zijn. Dit ideaal leeft nog steeds. Denk bijvoorbeeld aan rapper Sevn Alias, wanneer die het refrein inzet: “Ik wil een Bentley, een trip naar LA en een huis aan het strand in Miami.” Of aan business goeroe Tai Lopez, die ons beweert dat het Goede Leven uitmondt in alles kunnen doen wat je wilt. Voor hem betekent dat een hoop gezwam rondom zwembaden  (gevuld met modellen), ‘wijsheid’ verkrijgen door één boek per dag erdoorheen te jagen, en natuurlijk een Lamborghini in zijn garage.

Positie van Socrates

Socrates vraagt aan deze sofisten wat er precies ‘goed’ is aan plezier. Laten we plezier zien als een bevrediging van een verlangen. Volgens Socrates, echter, is verlangen een staat van pijn: we willen iets hebben dat er nu niet is. Bevrediging, en het bijbehorende plezier, is dan het opheffen van deze pijn. Ontstaat hierbij iets ‘goeds’? Volgens Socrates is de persoon die zijn verlangen bevredigd heeft weer terug op het niveau waar hij was, voordat hij dit verlangen had. Inderdaad heeft hij plezier beleefd, maar alleen doordat er eerst een pijn was. Omdat plezier zo altijd gepaard gaat met een staat van pijn (verlangen), kan het niet volledig goed zijn.

Maar wat is dan wel het goede leven? Socrates verheldert zijn positie met een vergelijking tussen koken en de geneeskunde. Een kok probeert een gerecht te maken, dat zo lekker mogelijk is. Of dit gezond is, of goed voor het lichaam, dat is van secundair belang. De geneeskunde echter (en hierom mag ze volgens Socrates een ‘kunst’ heten) probeert het lichaam in een gezonde en goede staat te brengen. Het medicijn smaakt bitter, levert geen plezier op, maar is desondanks dat wat het lichaam geneest. Plezier en het goede zouden daarom twee verschillende zaken zijn. Zo moeten we, volgens Socrates, in het algemeen ook over onze levens denken: niet alleen plezier beleven is van belang, maar het is zaak om bovenal onze levens ‘juist’ in te richten.

Voor Socrates hangt dit samen met het zoeken naar waarheid. De filosoof probeert te achterhalen wat in waarheid het goede is. Het goede leven is daarom ook een leven dat zichzelf durft te bevragen. Net zoals een staatsman zou moeten streven naar een goed leven voor zijn onderdanen, zo moet de ziel trachten het leven hier op aarde zo juist mogelijk in te richten. Het denken is een onderzoek naar wat dit juiste kan zijn – maar zoals iedere filosoof weet, is denken niet altijd iets dat direct veel plezier oplevert (eerder diepe fronzen en rimpels). Hiermee worden plezier en het goede gescheiden.

Evaluatie

Het blijft natuurlijk nog raadselachtig wat het goede is. Dit komt, denk ik, omdat het goede zich alleen presenteert als een vraag en een opdracht. Ik onderstreep Socrates’ gedachte dat plezier en het goede twee verschillende dingen zijn. Het goede, als opdracht, kan ons oproepen te breken met een economie van het plezier, of zelfs om goed te doen voorbij de genoegdoening die dit geeft. Dit is natuurlijk zeer Christelijk: het goede moeten we niet alleen doen om onze eigen ziel te redden, maar juist vanuit werkelijke liefde voor de Ander (of de waarheid). Een cynicus kan zich natuurlijk afvragen of zoiets mogelijk is – een spanning die altijd speelt rondom concepten als altruïsme en liefdadigheid.

Deze spanning kan ik hier niet oplossen, maar ik wil wel erop wijzen dat dit cynisme alleen standhoudt als we de mens zien als iets dat los van haar relaties tot anderen gezien kan worden. Deze aanname speelt nog ook nog in Socrates, maar wordt in de 20e eeuw vanuit de fenomenologie werkelijk bevraagd. Hier wordt het menselijk bewustzijn gedacht als altijd betrokken op iets, en niet als een ‘subject’ los van de wereld. Dit betekent ook dat het zelf niet los te denken is van de relatie tot de wereld. Daarom zou het altruïsme niet alleen goed zijn voor jezelf, maar ook voor de relaties die je onderhoudt met het Andere. Wat het goede kan zijn – dit blijft een vraag, maar een vraag die ons voorbij het kleine cirkeltje van het zelf trekt.